Een versje om je een idee te geven:
Spokenwas
‘Kinderen, heus, ik zeg je dit:
Elk fatsoenlijk spook is wit!’
Zegt moe Vlerk van Fladderaar
tot haar vuile kinderschaar.
‘Vlekken komen niet te pas!
Daag’lijks moet je in de was.
Even weken, alle vier….
kom, het duurt maar een kwartier.
Chris alleen moet uitgekookt,
wat heb je toch weer uitgespookt?
En een kachelpijp gezeten?
Foei! Je moest toch beter weten!
Na het weken in de pan
haal ik jullie even door
water met een beetje chloor,
daarna wringen, drogen, strijken,
tot je weer als nieuw gaat lijken’.
Babbelend met haar diepe stem
pakt moe Chris en dompelt hem
in het kokend hete sop
Kijk! Hij knapt er al van op.
Vinden ze dat nou niet naar,
al die kinderen Fladderaar,
elke dag zo’n waspartij?
Word je daar niet knorrig bij?
Nee. Als je spook bent
raak je daar wel aan gewend.
Aan de lijn hangt kind naast kind
nu te flapperen in de wind.
Straks, bij ’t schijnsel van de maan
Mogen ze weer spoken gaan.





